Vergelijking peilingen Nederland

Peilingen Ipsos en Peil.nl – week 3 2015

Dol
Nederlanders zijn dol op peilingen. Periodiek verschijnen er (daardoor) peilingen in de media. Onderzoekbureaus leveren de data aan, waarna de analyse (in de media) plaatsvindt. Na de analyse zien we meestal een reactie van een politicus. De politicus benoemt de peiling en de mediabron, waarna eenieder gelukkig is.

Zin of onzin
In deze blog gaan we het niet hebben over de zin of onzin van peilingen. Het is nu eenmaal een gegeven, dat ‘ze’ verschijnen. (punt)

Het punt wat ik wil maken, is dat altijd dient te worden nagegaan WAT gemeten wordt. Als we bijvoorbeeld kijken naar de laatste peilingen van Ipsos en Peil.nl dan zit er (statistisch) een niet te verklaren verschil. Bij IPSOS scoort de VVD 29 zetels en bij peil.nl 17. Beide hebben echter hun meetmethode correct toegepast.

Verschillen ontstaan doordat er verschillende methodieken gebruikt worden. De ene maakt gebruik van een gesloten systeem (‘wij bepalen wie we ondervragen en schalen op als bepaalde groepen ondervertegenwoordigd zijn’) en de andere van een open systeem (‘iedereen mag zich inschrijven en de selectie volgt daarna’). Steekproef-technisch kan beide.

Meten = Weten = Stemmen

Meten = weten = stemmen (fragment onderzoeksfilm)

Gedrag / houding
Maar wat meten we eigenlijk? Meestal begint de vraag met ‘stel er zijn vandaag verkiezingen…’. Een fictieve situatie wordt geschetst. Een gedrag (‘ik ga stemmen’) wordt gepresenteerd door de huidige houding (‘ik denk dat ik bij de verkiezingen stem op’) te meten. Houding heeft niet altijd een 1-op-1 relatie met gedrag. Kijk naar alle goede voornemens, die we gezamenlijk op 31 december 2014 hebben gemaakt..

Wisseling van partij
Daar komt bij, dat peilingen laten zien, dat wij (als burger) regelmatig van standpunt wisselen. Vandaag stemmen we op partij x en volgende maand op partij y. De vraag is of een persoon maandelijks van partijvoorkeur wisselt.

Vroeger heb ik ooit een keer gezegd dat ik fan ben van voetbalclub Z. Op dit moment ben ik dat nog steeds. Niet omdat ze goed presteren, maar meer omdat je een bepaalde band hebt met die club. Hetzelfde geldt voor je lievelingskleur, lievelingseten, lievelings-automerk, lievelings-TV-programma en -dus ook- je lievelings-partij. Dat verandert niet elke dag. Althans, daar is iets van te zeggen (uitzonderingen daar gelaten). In je hart verandert die voorkeur nauwelijks. Als andere mensen vervolgens vragen voor welke voetbalclub ik ben, dan probeer ik de discussie te vermijden.  Zo ben ik dan ook wel weer. Anderen geven wenselijke antwoorden, omdat ze bij winnaars willen horen en niet bij verliezers.

De kiezer heeft altijd gelijk
Bij de verkiezingen heeft de kiezer altijd gelijk. Alleen dat gelijk (lees: het daadwerkelijk stemgedrag) is moeilijk te vangen. Er zijn namelijk tal van factoren waarom mensen wel/niet stemmen op partij x. Net zoals de media kan bepalen wat mensen op hun netvlies krijgen te zien, kunnen peilingen verkiezingen beïnvloeden. In sommige landen zijn daardoor peilingen verboden. Dit is in ons democratisch land nergens voor nodig, zolang we maar meerdere peilingen in Nederland blijven hebben. En zolang elke peiling maar hun eigen resultaat/werkelijkheid blijft geven..

Top,
Martijn Hulsen  (initiatiefnemer van OverheidinNederland.nl)

overheid in nederland in actie

Overheid in Nederland

N.b. Als onderzoeker hou ik van peilingen. Elke methodiek heeft zijn eigen voor- en nadelen. Daardoor heb ik de ’tik’ dat ik peilingen meer zie als een strijd tussen onderzoeksmethodieken dan het resultaat wat er ook daadwerkelijk uitkomt. Lees ook de eerdere blog.

N.b.2. Als onderzoeksbureau hebben we meegedaan met de politieke peilingen voor de Provinciale Statenverkiezingen in Limburg. Onze resultaten werden afgezet tegen die van Maurice de Hond. Een hele eer, waarbij bureau Toponderzoek uiteindelijk de beste voorspelling gaf: Klik hier voor de onderzoeksresultaten