Representatieve democratie heeft nadelen

Nederland kent een representatieve democratie (klik op de afbeelding om het plaatje te vergroten)

Representatieve democratie

Een representatieve democratie (ook indirecte democratie genoemd) is een vorm van democratie, gebaseerd op het principe van gekozen functionarissen.

De gekozen functionarissen (lees: volksvertegenwoordigers, zoals Tweede Kamerleden) besturen het land.

Het kan gebeuren, dat je stemt op een bepaalde partij, die vervolgens in de regeringsperiode totaal andere dingen doet dan wat ze bij de verkiezingen zeiden.

Als burger heb je vervolgens het nakijken. Dat is één van de belangrijkste redenen van het ontstaan van een kloof tussen politiek en burgers.

Bij een representatieve democratie heb je als burger geen directe stemrecht voor de genomen politieke besluiten.

Pas bij de volgende verkiezingen kun je, indirect, partijen belonen of straffen voor hun genomen besluiten.

Dus wat doe je dan als burger?

Je gaat Facebook-en, Twitteren en je vertelt op verjaardagen dat ze hét in Den Haag niet snappen.

Onderschat niet de kracht van sociale media. De overheid zou hier meer gebruik van moeten maken.
Het is een vorm van burgerparticipatie: e-participatie.

Een representatieve democratie is niet representatief

Een representatieve democratie valt en staat op burgerparticipatie. Burgerparticipatie vindt plaats door het uitbrengen van een stem bij de verkiezingen.

In Nederland gaat niet iedereen stemmen. Probeer eens de volgende vraag te beantwoorden: Is de verkiezingsuitslag hetzelfde als 100% van de burgers gaat stemmen?

Het antwoord is ‘neen’.

Bepaalde groepen burgers zijn oververtegenwoordigd; andere groepen ondervertegenwoordigd.

Dat is niet anders dan bij een normaal onderzoek. Alleen bij een normaal onderzoek doe je de resultaten wegen – waar nodig (lees ook: representativiteit toetsen? Roer even goed in de soep?).

Verwachte opkomst is lager dan 100% opkomst

Verwachte verkiezingsopkomst is lager dan 100%. Logischerwijs heeft dit invloed op de verdeling van de zetels (de zetelverdeling is anders als 100% zou stemmen). Met name PVV en 50PLUS heeft last van de niet-stemmers.

Over opiniepeilers is veel te zeggen (peilingen-paradox), maar ze wegen wel de resultaten.

Bij de daadwerkelijke verkiezingen vind er geen weging plaats. Theoretisch zou het zo kunnen zijn, dat bij de Tweede Kamerverkiezingen alleen maar ouderen gaan stemmen.

De kans dat een politieke partij ’50plus’ -in deze theoretische situatie- meer zetels krijgt, dan ‘GeenPeil’ is aanwezig.

Als je echt een representatieve democratie wilt zijn, moet je gaan wegen – of het systeem aanpassen waarbij de opkomst naar 100% moet.

Vanaf 1919 mogen vrouwen in Nederland stemmen. Daarvoor bepaalde alleen mannen wat hier in Nederland zou moeten gebeuren. De representativiteit wordt hierdoor verbeterd.

Besef dat een representatieve democratie direct beïnvloed wordt door het wel of niet voeren van verkiezingscampagnes.

Is er een alternatief van een representatieve democratie?

De representatieve democratie verschilt van een directe democratie. Bij een directe democratie nemen de burgers zelf de politieke besluiten.

Een middel van directe democratie is het referendum.

Daarbij kan ook meteen worden afgevraagd hoe representatief een referendum is (zie ook: wat als er een opkomstpercentage van 100% was bij het referendum?).

 

Een representatieve democratie, aangevuld met directe democratie

Een interessante ontwikkeling is, dat bij de Tweede Kamerverkiezingen partijen meedoen, die al hun politieke besluiten voor 100% laten afhangen van hun eigen leden (burgers). Bij de traditionele politieke partijen vindt besluitvorming vooral plaats via de eigen ledenvergaderingen.

Afgezien of dit praktisch is (‘heeft iedereen wel tijd om elke week een oordeel te geven over 10 tot 20 Tweede Kamerbesluiten, inclusief moties?), is kennisachterstand een ander aandachtspunt.

In het politieke debat wordt informatie overgedragen. Door vraag en antwoord sprokkelt elke politieke partij informatie bij elkaar, waarna ze een besluit kunnen nemen.

Wij, als burgers, zien niet alle debatten. Daarnaast hebben we de kennis en interesse niet om alle Kamerbesluiten te bestuderen.

Toch gaan we in Nederland naar een systeem van direct stemrecht. Bij steeds meer politieke partijen, krijgen leden meer invloed.

Ook over de leden van politieke partijen kan gezegd worden, dat ze niet representatief voor de gemiddelde Nederlander zijn. Zo zijn er geen PVV-leden, maar wel PVV-stemmers.

Hoe directe democratie in Nederland toepassen?

De kunst is om te denken vanuit de burgers. Zij leven in een bepaalde leefomgeving.

Het is zaak om als overheid deze leefomgeving te definiëren en te bezien hoe deze mooier kan worden gemaakt.

En niet andersom. De overheid volgt.

Raadplegingen zijn daarvoor de ideale methode.

Over peilingen is veel geschreven.

Beleid maak je niet met peilingen maar met raadplegingen. Goede bestuurders laten andere mensen (mee)sturen.

Want wat stuur je als bestuurder, als je niet weet wat er leeft bij de burgers?

Maak gebruik van de denkkracht van mensen. Mensen praten graag mee over (lokale) actuele onderwerpen.Als gemeente kun je raadplegingen uitvoeren via TIP-burgerpanels.

Bezie de raadplegingen als een instrument voor het vragenuurtje in de Tweede Kamer. Daarbij hoeft de politicus niet te zeggen ‘ik denk’, maar kan deze vermelde dat er raad aan burgers is gevraagd.

In de ideale democratie worden alle Nederlanders geraadpleegd

En daar komen we in het ideale plaatje voor de Nederlandse democratie: raadpleeg alle Nederlanders over maatschappelijke vraagstukken.

Haal op wat er daadwerkelijk speelt in ons land.

Voeg bijvoorbeeld raadplegende vragen toe aan de jaarlijkse belastingaangifte. Iedereen mag (/moet) deze formulieren invullen, maak daar gebruik van. Of raadpleeg mensen via hun BSN-nummer of voeg raadplegende vragen op het stembiljet bij de verkiezingen.

Dit is voor het functioneren van ons land net zo’n waardevolle input dan de verkiezingsuitslagen.

Zoals eerder aangegeven, zijn de verkiezingsuitslagen (helaas) niet representatief voor de gemiddelde Nederlander. Het zijn beoordelingen en -voor sommigen- afrekeningen.

Toch blijven verkiezingen de minst slechtste vorm van democratie,

Tenzij….. (en dat is een herhaling)

gekozen wordt voor de inhoud en ingezet wordt op raadplegingen.

Tot slot wil ik mijn eerdere oproep herhalen. Als er een (raadplegende) toelichting-vraag mag worden toegevoegd op het stembiljet bij de verkiezingen, dan ben ik als organisatie bereid om al deze toelichtingen te verwerken. Dit om van de beoordelingen-sfeer af te komen en meer raadplegende antwoorden te creëren.

Wie pakt de handschoen mee op?

Met representatieve groet,

Martijn Hulsen
Onderzoeker overheid / TIP-burgerpanel