Creating Public Value model (Moore, 1997)

Wat is een Tip-panel? Lees de infographic.

Via het Creating Public Value model van Moore (1997) kan worden bepaald of het Tip-panel in staat is om een publieke waarde uit te dragen en dus haar doel kan realiseren.

Allereerst moet er een duidelijke missie zijn waarin de publieke waarde wordt uitgedragen. Dit wordt de publieke waarde propositie genoemd. Tevens moet er voldoende draagvlak vanuit de inwoners zijn. Tot slot moet er voldoende organisatiecapaciteit zijn. Denk hierbij aan geld, kennis, mankracht en andere middelen.

Publieke waarde propositie van Toponderzoek

In de publieke waarde van de Tip-panels staat de gemeenschap centraal. Het doel van de panels is om de gemeenschap een stukje mooier te maken. Om deze publieke waarde te realiseren, heeft Toponderzoek met haar Tip-panels een (burger)participatiestrategie.

Onderzoeksbureau Toponderzoek doet onderzoek via hun eigen opgezette burgerpanels naar wat er in de samenleving speelt, zodat de gemeente en andere partijen hierop kunnen anticiperen, waardoor de inwoners gehoord worden. Zo’n burgerpanel wordt een Tip-panel genoemd (‘Transparant Inwoners Panel’). Dit Tip-panel opereert onafhankelijk van de gemeente.

Draagvlak voor het Tip panel

Het onderzoeksbureau zit met haar Tip-panels tussen drie partijen in, namelijk de burgers, de overheid en de media. Het Tip-panel werkt samen met de media en krijgt van hen informatie over wat er in de samenleving speelt. De leden van het Tip-panel, de burgers, geven hun mening op de lokale onderwerpen die de lokale media of een andere belanghebbende instuurt. Verder behoort de gemeente tot de driehoek, omdat zij uiteindelijk wat moeten doen met de geluiden uit de samenleving via het burgerpanel. Tevens kan de gemeente vragen insturen.

Tip-panel oude en nieuwe stijl

De eerste Tip-panels van Toponderzoek zijn een coproductie tussen Toponderzoek en een lokale mediapartner. Zij weten wat er in de lokale samenleving speelt, bedenken onderwerpen en stellen vragen op, die ze aan het panel kunnen stellen. Toponderzoek checkt deze vragen op onafhankelijkheid, zetten de vragenlijst uit en sturen een raadpleging naar de leden van het Tip-panel. Vervolgens zet Toponderzoek de resultaten op een rij en publiceert de lokale krant de resultaten in de vorm van een nieuwsartikel. Hier komt de gemeente niet aan te pas.

Echter kan de gemeente, evenals de burger en ondernemers, vragen insturen naar Toponderzoek. Wanneer er geen ‘klanten’ zijn die vragen opsturen naar Toponderzoek, vindt er toch een verzending met redactionele vragen plaats om de burger te blijven activeren. Naast de onafhankelijkheid en gebruik van raadplegingen heeft het Tip-panel nog een andere kenmerk. Het Tip-panel springt in op de lokale actualiteit. Deze actualiteit houdt de burger bezig en kan afwijken van de raadsagenda.

In de nieuwe stijl treedt Toponderzoek als ‘ANP-er voor onderzoek’ op. Zij voeren op eigen titel raadplegingen uit, waarna de onderzoeksresultaten worden verspreid naar de stakeholders van de gemeenschap: de ‘media’, de ‘overheid’ en de ‘burgers’. De belanghebbende partijen worden geattendeerd op de burgerraadplegingen, waarna aan ze worden gevraagd om eigen onderwerpen aan te dragen. Deze nieuwe onderwerpen vormen de basis van de nieuwe burgerraadpleging.

Als gekeken wordt naar het model van Moore:

  • Missie: gemeenschap een stukje mooier maken
  • Draagvlak: draagvlak wordt gecreëerd door alle belanghebbende partijen te betrekken bij het opstellen van de vraagstelling
  • Organisatiekracht: het Tip-panel is open voor iedereen. Door periodiek burgers te raadplegen ontstaat denkkracht.

Burgerparticipatie 2.0.

Bron: Moore, M.H. (1997). Creating Public Value: Strategic Management in Government. Harvard University Press: Cambridge.

Het artikel is tot stand gekomen met dank aan: Quinten Bredius en Bas van der Cruijsen